Gedragsproblemen

De peuter komt vanuit zijn immobiele positie als baby plots in een wereld terecht die hij kan verkennen. Hij wil alles leren kennen. Hij stelt allerlei vragen, het is de leeftijd van waarom? Wat? Wie? Hij komt ook in aanvaring met regels. Hij mag niet overal kruipen of lopen, hij mag niet overal aankomen. Veel peuters reageren hier met de nodige koppigheid  en hyperactief gedrag. Deze fase noemen we dan ook de koppigheidsfase. Als ouder is het soms niet duidelijk hoe je het best reageert op deze koppige peuter. Moet je hem toegeven of moet je strikt je regel blijven toepassen. Moet je compromissen sluiten of helemaal niet. Moet je straffen of belonen?…

De peuter is ook op motorisch vlak in volle ontplooiing. Gezien ook zijn taal nog niet volledig ontwikkeld is reageren peuters nogal dikwijls veel op een non-verbale wijze. Hyperactief en agressief gedrag zien we dan ook bij sommige peuters veel voorkomen.

Een veelvuldig  voorkomend probleem in de kleuterfase is de zindelijkheidstraining. Stoelgangloslating maar ook bedplassen is voor vele ouders een nachtmerrie.

KOPPIGE PEUTER

Als baby ontwikkelt het kind almachtsfantasieën. Wanneer hij als peuter/kleuter op verkenning begint te gaan in die grote wereld ontdekt hij dat dit almachtig zijn niet meer telt. Hij wordt terecht gewezen voor verschillende zaken die hij doet. Hij mag niet meer alles doen wat hij wenst, hij moet leren groenten eten die hij maar vies vindt, enz.. De peuter/kleuter reageert met verzet en kan ook zeer koppig zijn. Sommige kinderen zijn van nature zeer sterk en vertonen een extreme koppigheid. Vele ouders ervaren dat ze nu reeds die kleine peuter niet de baas kunnen en vrezen het ergste voor de puberteit.

HYPERACTIEF EN AGRESSIEF GEDRAG

Veel voorkomende gedragsproblemen bij kleuters zijn: druk of storend gedrag, niet luisteren, ‘raar’ doen of clownesk gedrag en ruziemaken. In mindere mate komt agressief gedrag ook bij kleuters voor. Het is belangrijk na te gaan waardoor het gedrag wordt uitgelokt en in stand gehouden. Uitlokkende factoren kunnen bijvoorbeeld de onduidelijkheid van een bepaalde situatie zijn, maar ook cognitieve of emotionele problemen bij de kleuter.

BEDPLASSEN

Veel kinderen hebben problemen met bedplassen. Het zindelijk worden overdag is het eerste werk van iedere ouder met een peuter van 2-3jaar. Zindelijk zijn voor  2j 6m vinden veel ouders en leerkrachten van groot belang om het eerste kleuter of de peuterklas te kunnen starten. Voor het kind betekent het een zoveelste stap naar bedwingen en beheersen van onmiddellijke behoeften. Het is het leren ervaren welke spanningen er in zijn lichaam ontstaan en leren die spanningen verdragen. Zindelijkheid is het leren een opgebouwde spanning uit te stellen. Voor veel kinderen is dit een evident proces, voor sommigen loopt dit niet gemakkelijk. Vooral het zindelijk worden ’s nachts is vooral bij jongens soms een probleem. Waar het zindelijk worden overdag rond de leeftijd van 3 jaar normaal is mag men dit met enkele jaren verlengen vooraleer men zich zorgen hoeft te maken over het ’s nachts zindelijk zijn.