Emotionele problemen

In deze leeftijdsfase wordt van de jongeren verwacht dat hij een eigen identiteit vormt. Hij dient zeer veel zelfstandige prestaties te leveren en het studeren krijgt een primordiale plaats in zijn tijdsbesteding. De 10/10 van de lagere school wordt een zeldzaamheid. De vele te leveren prestaties brengen dan ook bij veel jongeren   faalangst met zich mee. De eerste liefdesgevoelens komen naar boven en het zich sociaal kunnen handhaven in de groep wordt zeer belangrijk. Veel jongeren kunnen de druk die de leeftijdsgroep op zich uitoefent niet aan en krijgen een sociale angst. Deze spanningen bezorgen sommige kinderen ernstige spanningen met soms een depressie tot gevolg.

De puberteit komt ten volle tot ontwikkeling. Men vormt zijn identiteit en gaat hiervoor op zoek naar zijn verleden. Vanwaar kom ik?, dankzij wie leef ik? Dit zijn vragen die jongeren zich stellen. Jongeren die geadopteerd zijn, in een pleeggezin vertoeven of in een nieuw samengesteld gezin worden zich ten volle bewust van hun andere status. Voor sommige jongeren is dit niet evident en hebben ze aanpassingstoornissen

ANGSTSTOORNIS

Angst komt bij  alle kinderen en jongeren voor en is een normaal gevoel. Angst overvalt je en het is belangrijk om het te beleven. Angst geeft ons aan dat er gevaar dreigt. Het is als de waarschuwingslampjes op een dashboard van een auto. Wanneer de waarschuwinglampjes blijven branden dan heb je een ernstig probleem. Wanneer een kind zeer veel angst heeft, de angst gedurende lange tijd blijft bestaan, het kind personen of situaties vermijdt, het kind lijdt onder angst dan spreken we over een angststoornis. Diverse symptomen zoals buikpijn, hoofdpijn, … kunnen tekenen zijn van de angststoornis.   De meest voorkomende angsten in deze leeftijdsfase zijn faalangst, fobieën en sociale angst.

       Faalangst

Veel jongeren hebben problemen met faalangst. Hoe minder ze hun leerstof kennen hoe meer faalangst ze soms ontwikkelen. We onderscheiden twee vormen van faalangst. De negatieve faalangst zorgt ervoor dat de jongeren niet meer durven studeren en dermate door angst overvallen worden dat hij niet veel kan studeren. Positieve faalangst zorgt ervoor dat de spanning die de faalangst met zich meebrengt de jongere aanzet om nog meer te studeren. De positieve faalangst heeft dus een positieve invloed op het studeren en kan als een gezonde spanning omschrijven terwijl jongeren met negatieve faalangst best geholpen worden. Jongeren die te veel positieve faalangst hebben kunnen bezwijken onder stress en worden ook best geholpen.

     Fobie

Sommige jongeren ontwikkelen een bepaalde fobie. Een fobie is een angst voor een bepaalde situatie of voor een bepaald dier of een bepaald voorwerp. Veel fobieën worden van ouder op kind overgedragen. De moeder is zeer bang van een hond en via modelling zorgt ze er onbewust voor dat haar kind ook een hondenfobie ontwikkelt. Afhankelijk van de ernst van de fobie is een behandeling aangewezen. Sommige kinderen of jongeren kunnen niet meer buiten komen waardoor hun doen en laten zeer sterk bepaald wordt door hun angst.

      Sociale angst

 

DEPRESSIEVE GEVOELENS

Sommige kinderen of jongeren lijden sterk onder bepaalde gebeurtenis en kunnen hierdoor een depressieve stemming ontwikkelen. Ze zijn prikkelbaarder, ze hebben minder interesse of plezier in bijna alle activiteiten. Ze hebben weinig eetlust, hebben last van slapeloosheid of slapen zeer veel. Ze kunnen zich niet meer concentreren en zijn besluiteloos. Soms kan deze gemoedstoestand dermate erg zijn dat ze denken aan zelfmoord.

In de TOL proberen we het kind of jongeren te leren kennen via een persoonlijkheidsonderzoek . We proberen de oorzaak van deze depressieve gemoedstoestand te vinden om dan een gepaste therapie op te starten.

AANPASSINGSTOORNIS

adoptie / pleegzorg / nieuw samen gesteld gezin

Verschillende hulpverleners in de TOL zijn zeer deskundig in de begeleiding van adoptiekinderen en pleegkinderen. Deze kinderen bevinden zich vanuit hun adoptie/pleegstatus in een specifieke situatie. Sommige van hun symptomen dienen dan ook in dit licht soms gezien worden. Loyaliteitsconflicten, hechtingsproblemen, aanpassingsproblemen…zijn problemen die bij die kinderen veel voorkomen.

SOCIALE VAARDIGHEIDSPROBLEEM

Kinderen en jongeren staan dagelijks in contact met hun leeftijdsgenoten.  Kinderen die erg introvert zijn of moeite hebben met sociale vaardigheden lopen het risico moeilijk vrienden te maken, en te houden.  Ze komen minder op voor hun mening, zijn vaak te volgzaam omdat ze zelf weinig initiatief durven nemen.  Het gevaar dat ze een negatief zelfbeeld ontwikkelen, weinig zelfvertrouwen hebben en zich terugtrekken is dan ook reëel.

Anderzijds zijn er ook jongeren die grenzeloos gedrag stellen, zich niet kunnen inleven en te weinig rekening houden met anderen. Ook deze kinderen hebben problemen met hun sociale vaardigheid.

In beide gevallen zijn deze kinderen en jongeren gebaat met een individuele therapie die zich richt op sociale vaardigheden.  Hierbij wordt dan steeds vertrokken van de concrete situaties die ze dagelijks zelf meemaken.  Vooraleer deze therapie te starten zal het echter cruciaal zijn om eerst na te gaan hoe het komt dat deze kinderen het zo moeilijk hebben met de sociale omgangsregels.